Home | Voeding | Afvallen en op gewicht blijven | Je zelfbeeld door externe factoren laten bepalen

Je zelfbeeld door externe factoren laten bepalen

Ik was vroeg wakker vandaag. In alle rust een kopje thee gepakt. Even naar buiten gestaard. Ineens kreeg ik de drang om wat te schrijven. Ik liep naar m’n computer en ging zitten. Ik had een idee. Over wat ik wilde creëren.

Ik droomde zachtjes over wat het kon worden. Niets vastomlijnd, maar open. En liet het los. Straks weer verder.

Eerst even kijken op eetsuggestie.nl – ga ik daar mee verder of niet?

Al dat dieetgedoe, al die recepten die ik nog moest over zetten, de hoevelheid werk die daar bij kwam. Zat ik daar nog op te wachten eigenlijk? Wilde ik het uberhaupt in m’n eentje doen en alleen eigen recepten plaatsen? Ik wist het antwoord. Ik was alleen nog niet klaar om los te laten.

Ik zag dat een van m’n berichtjes afweek: wel geindexeerd, maar niet in m’n sitemap opgenomen. ‘Hoe een superslank sprietje toch ging lijnen‘. Ik bekeek waarom dat was. Ik begon te lezen. Ik kon me nog goed herinneren hoe het toen was. En hoe anders het nu is.

Het patroon.

In mijn eigen blogje las ik dat ik altijd een super dun sprietje was.

Dat niet blij was met hoe dun ze was.

Dat ik pas rond m’n 28e aankwam.

En dat ik daar eerst ontzettend blij mee was. En toen vervolgens niet meer.

Jarenlang heb ik gedacht dat de ‘problemen’ en ‘ongemakkelijkheden’ die ik met mijn lichaam had, pas rond m’n 28e opdoken toen ik voller werd.

Als ik nu terug kijk zie ik dat heel anders. Het begon al als klein kind.

Ik voelde me niet veilig in m’n lichaam: het kon kapot gaan. De komst van mijn broertje versterkte dat gevoel alleen maar meer.

Ik vond mezelf te dun. Dun was fragiel. Nog meer kans om kapot te gaan.

Ik kreeg nare opmerkingen op straat en van klasgenoten, en wilde dikker zijn.

Ik wilde vrouwelijker zijn. Ik dacht dat vrouwelijke vormen, vrouwelijk zijn betekenden.

Ik en mijn yak.

Zeker na het leven als jongetje dat ik ‘hiervoor’ had gehad, leek het mij geweldig. Ik stierf jong in dat leven.

Ik was een iel ondervoed jongetje dat als sherpa door de bergen van Nepal wandelde op gevaarlijke paadjes langs diepe afgronden. Prachtige uitzichten. Frisse lucht. Samen met mijn yak.

Ik viel van een berg met mijn yak.

De yak schrok van losse grond onder haar voeten, gleed uit en ik ging mee. We stortten beiden de afgrond in.

Ik herinner het me alsof het gisteren gebeurde. De geuren, de gevoelens, de lucht, de zon, het uitzicht, het gedraai, het geschreeuw, de paniek bij mijn geliefde yak met een zwabberend touw om zijn nek en in alle macht proberend met haar benen grip te krijgen op grond. In de lucht. De paniek bij mij. Mijn verscheurende hart bij het zien van mijn yak in doodsangst die zo hard probeerde grip te krijgen.

Ik was zo blij toen ik vrouwelijke rondingen kreeg. Ik trok strakke jurkjes aan en genoot van hoe mijn lichaam eruit zag.

Opmerkingen. Ze waren nu precies tegenover gesteld.

Eerst was het dat ik meer moest eten en te dun was en of ik lesbisch was dat ik zo op een jongetje leek. Nu was het dat ik te dik was, me anders moest kleden en wat aan m’n gewicht moest doen.

Het raakte me. Ik liet mijn zelfbeeld door externe factoren bepalen.

Ik nam de meningen aan van anderen als de mijne. Maar ze waren niet van mij.

Ze waren van de maatschappij.

Ik merkte het toen ik me voor de gezelligheid dit jaar weer voor een paar maandjes aanmelde bij Weight Watchers. Even kijken hoe het met iedereen is daar.

M’n oude patronen kwamen als een klap in m’n gezicht.

Ik zag ze in een paar minuten scrollen door connect allemaal voorbij komen. Boem! Jeetje…

Heel veel patronen die me klein hielden. Veel lijden. Veel mensen met dezelfde patronen die elkaar in hetzelfde patroon vast hielden. Soms was er een nieuw enthousiast iemand. Daar werd vaak als snel op in gepraat over hoe het moet en hoe niet. En zo werden ze al snel in dezelfde patronen getrokken.

Saamhorigheid voelt veilig.

Veel oudgedienden. Veel terugkomers. Veel schaamte. Schaamte over hoe het was. Schaamte over weer terugkomen. Schaamte over wat ze aten.

Veel geklaag en veel geruststellingen van buitenaf.

Veel vreemde knutselwerken met bewerkte poeders en sausjes om de punten te verlagen.

Veel mensen die het gezellig vonden. Veel mensen die het fijn vonden de ander te helpen of te troosten.

Veel ‘Help mij!’ energie waarbij de antwoorden buiten zichzelf werden gezocht en de meningen van anderen als de oplossing werden gezien.

Ik las wat van mijn eigen berichtjes terug op Connect

Ik nam de meningen/ideeën aan van anderen als de mijne. En ik hield van drama. En klagen. En kommer en kwel. Ik las het in mijn oude berichtjes: ik herinnerde me het gevoel dat het een soort van fijn gevoel gaf toen ik ze schreef als ik kon klagen. Klagen als ik iets niet ‘mocht’. Klagen als iets niet in het puntensysteem pastte. Jubelen als ik een workaround had gevonden zodat iets toch in de regeltjes pastte die ik als waarheid had aangenomen. Klagen als iemand wat van mijn lichaam vond. Of als iemand juist niets ervan zei. Klagen over regeltjes die anderen hadden bedacht en die ik als waarheid had aangenomen.

Help mij! riep alles daar in mij in de hoop de antwoorden extern te vinden, en de waarheid van een ander als die van de mijne aan te nemen.

Wat was er veel veranderd de afgelopen jaren. Ik realiseerde het me nu pas. Ik zag mijn eigen patronen voorheen niet. Ik ben de enige die mijn zelfbeeld, mijn zelfwaarde kan bepalen. Ik kies wat ik mijn waarheid maak en wat niet.

Het niet blij zijn met een dun lichaam, het niet blij zijn met een dikker lichaam. Eigenlijk kwam het allemaal neer op hetzelfde patroon: ik nam de meningen van anderen aan als de mijne.

En dat is waarom dieten vaak niet werkt: je laat alsnog een ander bepalen wat goed voor jou is. Je luistert niet meer naar je unieke lichaam (zoals je daarvoor waarschijnlijk ook al niet deed). Je laat je zelfwaarde bepalen door externe factoren. Door gedachten over hoe iets zou moeten zijn. Door te negeren dat ieder wezen uniek is en dat iedereen zijn eigen realiteit creeërt.

Gedachten over wat je wel en niet moet eten. Wat gezond is, of ongezond is. Hoeveel je moet eten. Hoeveel je moet bewegen. Wat een gezond gewicht is, en wat niet. Welke lichaamsvormen de ideale zijn. Het is de mening van een ander waar een hele hoop mensen zich bij hebben aangesloten. Hoe meer mensen dezelfde gedachte als waarheid gaan zien, hoe zwaarder het drukt in de maatschappij en hoe moeilijker het is om je eigen zelf nog te vinden in die berg aan ‘regels’.

Gedachten werken als zwaartekracht.

Het werkt als zwaartekracht: hoe meer mensen zich bij een idee aansluiten en het als waarheid gaan zien, hoe zwaarder het trekt aan de mensen erom heen.

En als je er eenmaal in zit dan trek je alleen nog maar meer van hetzelfde aan, waardoor je ideeen nog meer versterkt worden. En je gedachtenwereld nog kleiner wordt. En je geloofsovertuigingen van wat waar is steeds meer in het puntje van de spiraal terecht komen. De A.I. technologie van tegenwoordig op internet en social media zorgen er nog meer voor dat je in je spiraal blijft zitten.

Tot je uit het puntje van de tornado schiet en de rest weer ziet. Tot je je beseft dat het slechts een tornado van een gedachtepatronen was waar je in was gesprongen.

Er is geen 1 waarheid. Je hoeft maar naar wetenschappelijk onderzoek te kijken om het onderuit te schoppen: als er 1 waarheid was, dan kwam er uit elk wetenschappelijk onderzoek altijd hetzelfde resultaat.

Maar dat is niet zo.

Vaak komt er zelfs het tegenovergestelde uit als een andere groep hetzelfde onderzoek doet.

Er is niet 1 lichaam dat iedereen bewoont: iedereen heeft andere maten, kleuren, vormen, en interne werkingen. Toch doen we met heel veel dingen in de maatschappij wel alsof we allemaal hetzelfde lichaam hebben of zouden moeten hebben.

Iedereen heeft zijn eigen waarheid. En die waarheid bepaalt de kleur van je ervaringen. Je kunt 20 mensen in een kamer zetten zonder eten en ieder zal het anders ervaren. Zal andere dingen opmerken, andere gevoelens hebben, andere gedachten hebben. Tot er 1 iemand probeert de anderen te overtuigen van iets. En dat elke dag herhaalt. Meerdere keren per dag. De kans is groot dat een groot deel van de groep zich aansluit bij die gedachte en het als de waarheid gaat zien.

De beste manier om bij jezelf te komen.

De beste manier om bij jezelf te komen is door je niet te hechten aan je gedachten. Door ze op te merken. En door dingen te doen die je plezier geven. Zo wordt het stil en kom je bij je eigen zelf.

Niet elke gedachte is van jou. Hij wordt pas van jou als je hem als jouw gedachte maakt.

Maar jij bepaalt de regels. En hoe meer mensen zelf bepalen voor zichzelf in plaats van voor een ander, hoe minder de zwaartekracht drukt op de rest.

Elk lijf is uniek. Elk mens is uniek.

Je bent niet je lichaam. Je bent niet je gedachten.

Je bent de stilte, de kalmte, die de gedachten opmerkt.

Je kunt zelf kiezen welke gedachten van jou zijn of van anderen. En je kunt op elk moment wijzigen. Alleen jij kunt dat voor jezelf doen, niet een ander. Een ander kan het je opdringen, maar het wordt pas van jou als je gelooft dat het ook jouw waarheid is.

Nu denk je misschien: maar nu vertel je mij wat ik moet denken? Dat is toch weer meer van hetzelfde?

Nee. Ik schreef dit voor mezelf. Aan mezelf. Mijn verhaal. Mijn continue veranderende verhaal. Met continue nieuwe inzichten en realisaties.

Deze hele site is een reflectie daarvan op het gebied van een klein onderdeeltje: het lichaam en voeding en het brein. Een reflectie van een periode waarin ik veel probeerde met force mijn lichaam te veranderen zodat het voldeed aan de gedachten van anderen.

Het is tijd voor een nieuw verhaal. Een verhaal van flow.